foto

Mariken

in de tuin der lusten

Acte 1. De besloten hof
Mariken groeit op bij haar oom, die priester is, in de buurt van Nijmegen. De oom stuurt haar naar de stad om inkopen te doen. Als het donker wordt kan ze niet meer terug naar huis. Ze klopt bij haar tante aan, die haar voor slet en oud vuil uitmaakt. Mariken blijft desperaat op straat achter en geeft zich over aan 'god of duivel'. De duivel Moenen meldt zich en belooft haar alle wetenschappen en talen te leren in ruil voor haar liefde.
 
Acte 2: De tuin der lusten
Moenen en Mariken reizen naar Antwerpen waar ze zeven jaar lang een leven leiden vol moord en wellust. Na verloop van tijd verlangt Mariken, die zich Emmeken moet noemen, terug naar huis en wil haar zondig leven beëindigen. Keerpunt is het zien van een wagenspel. Daarin overweegt God om de mensheid zwaarder te straffen voor haar zonden, maar laat zich vermurwen door Marikens naamgeefster: Maria. Ze keert zich af van Moenen. Uit wraak voert hij haar hoog in de lucht en laat haar op aarde storten.
 
Acte 3: Boetedoening
In de derde acte zien we een inmiddels oude Mariken die al decennia boetedoening doet in een klooster in Maastricht. We zien hoe herinningen en visioenen van haar leven na de val uit de lucht aan haar oog verschijnen. We zien hoe de oom zijn nicht op straat vindt, gebroken maar leven. Samen gaan ze op zoek naar boetedoening. Die vinden ze na een tocht langs priesters, bisschoppen en een kardinalen bij een weinig vergevingsgezinde paus die haar ijzeren ketens omlegt. Die ketens draagt Mariken vanaf dat moment, tot in een hemels visioen witte duiven ziet verschijnen die haar ketens doen afvallen.

'Een begeesterde, bij vlagen grandioze voorstelling'
NRC